Koop het Kamalmanak boek!
Martin Heylen

kamalmanak schilderij
Bijschrift Martin Heylen bij 18 januari (1956) - Kamalmanak
Ik weet niet of het toeval bestaat - of doet alsof - maar ik weet wel dat het toeval een plezant cadeau is. Het komt als een verrassing en het is een bron van inspiratie, waarmee je van alles kunt doen. Ik was toch wel benieuwd welk schilderij op mijn verjaardag uit het brein van de kunstenaar was ontsproten en of ook hierin het toeval mede-auteur was.
Dus klikte ik de maand januari van de Kamalmanakwebsite open. Wonderbaarlijk. Een uitspatting van beelden en kleuren, zelf op mini-formaat. Even dacht ik alle wondere hersenspinsels in mij op te nemen, maar al gauw werd ik als een magneet naar de 18de gezogen. En zie! Hé! Wel wel. Ik was aangenaam verrast. Blij ook. En trots. Want, geef toe: dit schilderij springt eruit. Het is duidelijk ànders dan de dertig andere januaridagen. Het is dus… eh, zoals mezelf, jawel. Anders. En uniek. Kijk eens aan. (Elk schilderij in de Kamalmanak is uniek, ik weet het, maar allà). Mooi getekend, ook. Geen misvormd gezicht, of een geherboetseerd lichaam, geen getormenteerde of kotsende Kama-fantasiefiguren, maar een aristocratische kop.

Geestig contrast met de roze Smiley naast die ernstige mens, opgetrokken uit geometrische lijnen, wijsheid en wiskundeformules. Een genie, een wiskundefenomeen, auteur van een stelling die al millenia overleeft en… en…
Ho maar! Die Pythagoras, juist, dat was toch die van die stelling? Oh, shit. Eerste jaar humaniora, lang geleden. Mijn eerste trauma. Altijd de beste van de klas geweest en dan in het eerste middelbaar de gruwel van de Peloponnesische Oorlogen. Fysica. Axioma's en venndiagrammen. Horror. Al die dingen waar ik niks van snapte, die niemand me kon of wou uitleggen en die me de strot uitkwamen. De Stelling van Pythagoras! Als ik aan één vent een hekel heb gehad als jong studentje is hij het. Sinds Pythagoras is het met mij snel bergaf gegaan. Vooral hij heeft ertoe geleid dat ik de school gelaten heb voor wat ze is, om me in het echte leven te storten. Toén kon ik hem niet luchten, nu kan ik hem daar alleen maar dankbaar om zijn.

Dank u Pythagoras, dank u Kamagurka. Wat een mooi toeval.